Tuinmagazine 2016 - Ontdek het hier of vraag je exemplaar in je dichtstbijzijnde Brico-winkel!
Sluiten

Warmwaterproductie met een boiler

We zingen graag onder de douche maar onder een koude douche daarentegen… Een goed afgeregelde straal en een perfecte temperatuur zijn afhankelijk van de installatie en de afstellingsprecisie van de heetwatergeiser. Raadpleeg deze Bricofiche en gebruik onmiddellijk onze handige tips voor een correcte plaatsing van uw boiler of geiser.

  • Warmwaterproductie met een boiler

    Download de PDF
  • Algemeen

    Wat verwachten we van een sanitair warmwatertoestel? Dat het voortdurend sanitair warm water levert, in een voldoende grote hoeveelheid en op de juiste temperatuur. Het is een fundamenteel comfortelement in onze woning.

    Er bestaan heel wat efficiënte systemen die deze taak kunnen vervullen. De keuze hangt af van verschillende criteria : de bestaande verwarmingsinstallatie, de gezinsgrootte en -gewoontes, de beschikbare energie, de kenmerken van de woning enz. Een vakman kan u helpen om de meest geschikte oplossing voor uw situatie te kiezen.

    U wilt het sanitair warmwaterverbruik zo laag mogelijk houden? Houd de afstand tussen de plaats van productie en verbruik dan zo klein mogelijk en vooral … houd het verbruik zelf in het oog!

    Hoeveel warm water verbruiken we dagelijks? Dat varieert uiteraard naargelang het aantal gebruikers en hun gewoontes. Toch is het belangrijk om dit zo goed mogelijk in te schatten : zo kunt u een installatie kiezen die voldoet aan uw behoeften.

    Wie bijvoorbeeld een douche neemt van 4-5 minuten verbruikt 30 tot 40 liter water, wie een bad neemt 150 tot 200 liter en wie de afwas met de hand doet 50 liter per dag.

    Er bestaan alleenstaande systemen voor sanitaire warmwaterproductie, maar ook een combinatie met de verwarmingsinstallatie is mogelijk.

    Combisystemen

    Het sanitair water wordt opgewarmd door de verwarmingsketel (op hout, stookolie, aardgas of propaan) of de receptoren van een warmteverwarmingssysteem. Laat deze installatie over aan een vakman, tenzij u een door de wol geverfde doe-het-zelver bent.

    Alleenstaande systemen (boiler, badgeiser of heetwatertoestel)

    Het sanitair water wordt opgewarmd door een autonoom systeem. In de uitleg die volgt is dat een elektrische weerstand. Maar dat kan evengoed een brander zijn (op stookolie, aardgas of propaan : uw verwarmingsketel), een warmtepomp of een systeem met thermische zonnecollectoren.
    Meer uitleg over de laatste twee mogelijkheden vindt u in de fiche « Nieuwe energiebronnen ».
    De productie kan momentaan gebeuren (gasgeiser) of kan gestockeerd worden (accumulatie via een elektrische boiler).

    In de uitleg die volgt, kiezen we voor accumulatie

    Het opgewarmde water wordt gestockeerd en op temperatuur gehouden in een geïsoleerd reservoir (boiler, accumulatietoestel). Het warmwaterdebiet is constant en hoog.
    In het geval van de boiler warmt een ondergedompelde weerstand het water op tot de juiste temperatuur. Wilt u bezuinigen op energieverbruik, kies dan een tariefoptie waarbij het water (opnieuw) kan worden opgewarmd tijdens de daluren (wanneer het tarief per kilowattuur lager ligt).

    Een boiler plaatsen

    Een elektrisch heetwatertoestel (een synoniem voor boiler) plaatsen of vervangen is en karwei waarmee een doe-het-zelver bijna zeker te maken krijgt.

    Schakel in eerste instantie de stroom uit bij de overeenkomstige hoofdzekering. Sluit vervolgens ook de koudwatertoevoer af bij de watermeter of het dichtstbijzijnde afsluitkraantje.

    Vergeet bij een vervanging niet om het versleten heetwatertoestel te legen (vaak weegt dit een pak zwaarder door de kalkaanslag).

    Om de plaatsingsinstructies eenvoudig te houden, gaan we ervan uit dat de toevoer-, verdelings- en afvoerleidingen al geplaatst werden en dat u de boiler enkel nog moet aansluiten.

    1. Doorgaans wordt een boiler geleverd met een boorpatroon voor de ophangpunten. Is dat niet het geval, dat zet u de ophangpunten uit op de gewenste hoogte met behulp van een luchtbelwaterpas.

    2. Kies een boor volgens de aard van de muur en de aanbevolen diameter voor de meegeleverde ringschroeven. Boor de gaten.

    3. Een boiler is zwaar, maak hem dus stevig vast.

    4. Draai de ringschroeven vast met een Engelse sleutel of, beter, een moer- of pijpsleutel, die precies op de zeshoekige schroefkop past. Laat ten minste 1 cm opening tussen de muur en de schroefkop : zo kunt u de ophangbeugel voor de boiler er gemakkelijk tussenschuiven.

    5. Maak de boiler vast (een lege boiler is niet zo zwaar). Controleer of de schroefkoppen in de inkepingen op de ophangbeugel zitten. Als dat in orde lijkt, draait u de ringschroeven helemaal aan, zodat u de boiler definitief vastzet. Zo vergeet u dat niet op het einde.

    6. Vraag hulp om het nieuwe toestel op te hangen : zo beschadigt u de boiler niet als u hem op de twee dragers hangt (de bouten of ringschroeven die u net hebt aangebracht).

    7. Draai alle bouten of ringschroeven aan, zodat het toestel stevig vasthangt. Let er ook op dat het toestel loodrecht hangt.

    8. Ga op dezelfde manier te werk voor u de veiligheidsgroep bevestigt op de koudwateringang (blauw).

    9. Schroef een roestvrijstalen verbindingsslang op de ingang van de veiligheidsgroep. De ingang is voorzien van een bedieningshendel (op dit model : grijs, in verticale stand, dus een gesloten klep). Maak de verbinding lekdicht met een afdichtingsring.

    10. Sluit het andere uiteinde van de slang aan op de koperen leiding van de koudwatertoevoer. Vergeet niet om de afdichtingsring te vervangen.

    11. Schroef een roestvrijstalen verbindingsslang met afdichtingsring op de isolerende koppeling van de warmwateruitgang. De slang vormt de aansluiting op uw verdeelnet voor warm water.

    12. Sluit het andere uiteinde van de slang aan op het koperen buizenstelsel voor de warmwaterverdeling. Vergeet niet om de afdichtingsring te vervangen.

    13. Draai de uiteinden van de roestvrijstalen koppelingen vast met behulp van een Engelse sleutel of een platte sleutel : een koppeling aan de koudwateringang, een andere aan het verdeelnet voor warm water. Naargelang het verbindingssysteem, gebruikt u een afdichtingsring of een biconische koppeling en teflontape.

    14. Schroef onder aan de veiligheidsgroep de overloopsifon vast, die in verbinding komt te staan met de afvoerpijp.

    15. Een conische koppeling op de schuifmof, die u vastzet door de ring vast te schroeven op de schroefdraad van de uitgang, maakt het geheel lekdicht en houdt alles op zijn plaats.

    16. Snijd de verbindingsslang in wit plastic, waarop u het uiteinde opnieuw kunt aandraaien, op de gewenste lengte. Plak de slang op de harde, grijze pvc-buis (diameter : 32 mm) van de afvoerleiding. Opgelet : schuur het uiteinde van de buis op, zodat de lijm beter hecht.

    17. De elektrische boiler is nu voorzien van alle wateraansluitingen (koudwatertoevoer, verdeling van warm water en afvoer van overtollig water). Rest nog de aansluiting op het elektriciteitsnet.

    18. Trek, naargelang de mogelijkheden, uw elektriciteitslijn tot bij een differentieelschakelaar van 30 mA of rechtstreeks tot aan de verdeelkast. Als de installatie een 'dag/nacht-teller' heeft, kunt u het toestel erop aansluiten. Sluit het toestel nooit rechtstreeks aan op een stopcontact, zelfs niet als dit de juiste stroomsterkte heeft!

    19. Maak de beschermkap los met behulp van een schroevendraaier.

    20. Zoek de aansluitklemmen van het stroomcircuit. Zoek naar de symbolen en controleer in de handleiding welke aansluitingen u moet maken.

    21. Leg de drie draden van uw doorgetrokken elektriciteitslijn bloot.

    22. Sluit de blauwe (de nulgeleider) en de zwarte of bruine (de fasegeleider) draad aan op de juiste polen.

    23. Sluit vervolgens de aardingsdraad (tweekleurig groen en geel) aan op de pool met het aardingssymbool.

    24. Sluit de kap. Let erop dat u de draden nergens vastklemt. Schroef de sluitingen weer vast.

    25. Om de watertoevoer naar het toestel open te zetten en de boiler te laten vollopen, gaat u als volgt te werk : sluit de afvoerklep van de boiler (veiligheidsgroep) en zet de toevoerklep open. Draai het eerste opvangpunt (kraantje) op het warmwaternet half open : zo kan de lucht ontsnappen naarmate de boiler zich vult met water. U moet de boiler zeker ontluchten voor u hem onder stroom zet.

    26. Pas als de boiler gevuld is, kunt u de elektrische aansluiting onder stroom zetten op de verdeelkast.

    27. Draai de kranen dicht zodra het water regelmatig loopt, zonder lucht (controleer alle kranen, om uw leidingen te ontluchten). Uw boiler is klaar voor gebruik.

    Tips

    Voorkom verspilling

    • Zet de warmwaterinstallatie zo dicht mogelijk bij de plaats van verbruik (keuken, badkamer). Installeer indien nodig meer dan een productiepunt : zo beperkt u het warmte-en waterverlies.
    • Ontlucht de leidingen, om te vermijden dat het water afkoelt. Goed om te weten : in een bestaande woning kunt u bepaalde subsidies krijgen voor isolatie.

    Beperk kalkaanslag tot een minimum

    • Laat uw toestellen voor de productie van sanitair warm water regelmatig onderhouden of installeer een toestel met kalkreductie

    Verbruik minder water

    • Zet debietreducerende koppen op de kranen of gebruik spaarkranen en een spaarkop voor de douche. Denk aan uw gezondheid.
    • Voorkom de ontwikkeling van schadelijke kiemen en houd de opwarmtemperatuur boven 55°C.
    • Werd er tijdens een bepaalde periode geen water afgetapt (vakantie …), laat het warm water dan enkele minuten lopen voor u het gebruikt.

    Aparte installatie op een waterpunt (keuken)

    Als de keuken te ver verwijderd is van het productiepunt en u het water lang moet laten lopen voor het warm wordt, kunt u een extra toestel installeren bij de gootsteen. Voor de afwas is een temperatuur van 60-65°C ideaal, terwijl dat voor een bad of douche 50-55°C is.