Radiator verwijderen of vervangen

  • Totaal aantal stappen
    5

Stap 1 | Voorbereiding

Houd bij het kiezen van een nieuwe radiator rekening met het vermogen van de radiator. Hij moet genoeg warmte op kunnen wekken voor de ruimte.

Voor je de radiator kunt verwijderen, moet je eerst het C.V.-systeem leeg laten lopen. Trek de stekker van de ketel uit het stopcontact. Ga naar een radiator op de laagste verdieping en zet een slang op de aftapper die je naar een afvoer of naar buiten leidt. Draai met een ontluchtingssleutel de aftapper open en laat het water uit het systeem stromen. Wanneer het langzamer begint te stromen, draai je op de bovenste verdieping een ontluchter open. Draai de aftapper op de radiator die je gaat verwijderen open, laat het water eruit stromen en draai hem weer dicht.

Stap 2 | Radiator verwijderen

1) Draai met een schroefsleutel de aan- en afvoerleidingen van de radiator los. Houd er voor de zekerheid een doek bij, om eventueel achtergebleven water op te vegen. Schroef hem los van de muur. Als beide aansluitingen van de radiator aan één kant zitten, kun je hem voor de zekerheid een kwartslag de andere kant op kantelen en zo neerzetten. Als de aansluitingen aan weerszijden zitten moet je hem juist niet kantelen en voorzichtig rechtop neerzetten met een doek eronder. Als je hem teveel kantelt kan er resterend, zwart water uitlopen.

2) Als je de muur eerst gaat behandelen of om een andere reden nog even geen radiator terug gaat hangen, dop de leiding dan af.

Stap 3 | Leidingen doortrekken

Als je de oude radiator terug gaat plaatsen, sluit hem dan weer aan op dezelfde wijze als waarop je hem gedemonteerd hebt. Ga in dit geval door naar stap 5.

Als je een nieuwe radiator gaat plaatsen, let er dan op dat de leidingen goed uitkomen. Er zijn veel soorten radiatoren met verschillende aansluitpunten, dus je zult de leiding waarschijnlijk moeten aanpassen. Zorg dat je de nodige koppelstukken en leidingen hebt als je deze moet verlengen. Eventueel teveel gekochte artikelen kun je - mits ze nog dicht zijn - bij de bouwmarkt terugbrengen.

1) Gebruik voor het doorsnijden van de leidingen een pijpsnijder of ijzerzaag.

2) Het is belangrijk dat je de leidingen ontbraamt voor je de knelkoppelingen aanbrengt. Dit betekent dat je de scherpe randen en rafels op de rand van de buis verwijdert om lekkage en fluiten van de leiding te voorkomen. Als je een pijpensnijder gebruikt hebt, hoef je alleen de binnenkant van de leidingrand te ontbramen.

3) Je kunt dan het ontbramingsmesje van de pijpsnijder gebruiken, of als je een zaag gebruikt hebt, een ontbramer.

4) Als je een knelkoppeling aanbrengt, schuif dan eerst de moer over de pijp, dan de knelring, schuif het andere gedeelte over de andere pijp. Draai de moer handvast en draai 'm nog ongeveer een kwartslag met twee schroefsleutels. Draai hem niet overdadig vast, dit kan lekkage opleveren.

5) Gebruik voor het buigen van leidingen een buigijzer. In de gebruiksaanwijzing kun je meestal specificaties vinden over de betreffende te maken bocht en hoeveel invloed hij heeft op de lengte van je leiding.

Stap 4 | Nieuwe radiator plaatsen

Plaats op de nieuwe radiator de meegeleverde aftapper en de blindstop of ontluchter. Plaats ook de radiatorkraan en het onderblok. Deze moet je meestal los kopen. Bevestig de beugel waterpas en op de goede positie aan de muur. Boor wel eerst voor met een klopboor. Hang de nieuwe radiator aan de muur en breng de leidingen naar de aansluitpunten. Sluit de toevoerleiding op de radiatorkraan aan, en de afvoerleiding aan de onderkant van de radiator. Draai de koppelingen eerst handvast en draai ze pas vast wanneer alles goed op zijn plaats zit. Doe dit met 2 schroefsleutels, 1 schroefsleutel op de koppeling en 1 schroefsleutel op de moer.

Stap 5 | Systeem vullen

1) Controleer eerst of alle aftappers en ontluchters dicht staan en alles goed vastgedraaid is. Het vulpunt zit meestal bij de ketel. Sluit de kraan met een slang aan op het vulpunt, zorg dat er geen lekkages zijn.

2) Draai de kraan bij het vulpunt open, en open dan de waterkraan. Vul het systeem tot ongeveer 1,8 bar en draai alles weer dicht. Check of alle koppelingen en aansluitingen lekvrij zijn. Nu is het tijd om het systeem te ontluchten.

3) Check na het ontluchten van alle radiatoren de druk opnieuw. De druk moet tussen de 1,5 en de 2 bar liggen. Als hij te laag is, vul het systeem dan bij. Wanneer de druk goed is, kun je de stekker weer in het stopcontact steken. De ketel start nu weer op.

Aandachtspunten

Controleer na het in gebruik nemen van het systeem de nieuwe koppelingen en aansluitingen nog af en toe, draai eventueel koppelingen die te los zitten nog wat aan. Bij designradiators is het handig om een stromingsbuis te plaatsen; deze plaats je onder de radiatorkraan, het zorgt ervoor dat het warme water in omhooggaande richting de radiator ingaat, en zo niet direct weer richting afvoerleiding loopt maar langer in de radiator aanwezig is.

0 reacties