Basisklussen elektriciteit behandelen

  • stappen
    6

Stap 1

Veiligheid: In de klusvideo behandelen we wat basiswerkzaamheden met betrekking tot de elektrotechnische installaties. Het werken aan elektrotechnische installaties is nauwkeurig werk. Als je fouten maakt, kun je onder stroom komen te staan, kan er kortsluiting ontstaan of brand. Zorg er daarom voor dat de stroom uitstaat als je gaat werken aan de elektrotechnische installatie. Plak er eventueel een briefje op, zodat iemand anders niet per ongeluk de stroom aanzet terwijl jij bezig bent. Gebruik bij het installeren altijd de passende kleur installatiematerialen voor de bijpassende doeleinden. Schakel bij twijfel altijd een professional in.

Stap 2

Draden: In een elektrotechnische installatie worden 4 kleuren draad gebruikt. Iedere kleur heeft zijn eigen functie: ● De bruine draad is de fase draad. Dit houdt in dat hier ALTIJD spanning op staat. ● De blauwe draad is de nul draad. De stroom loopt via deze draad terug. ● De zwarte draad is een schakeldraad. Afhankelijk van de positie van de schakelaar staat hier wel- of geen spanning op. ● De geel / groene draad is de aarde draad. Zoals aangegeven heeft iedere kleur zijn functie. LET OP: Er mag absoluut NOOIT een andere functie aan een draad gegeven worden dan de betreffende kleur aangeeft.

Stap 3

Centraaldozen: In plafonds zitten centraaldozen. Dit zijn de punten waar vaak de lampen opgehangen worden. In deze dozen komen alle draden de ruimte binnen. We kunnen hier aftakkingen vandaan maken naar nieuwe wandcontactdozen.

Stap 4

Flex- en PVC-buizen: Stroomdraden moeten in buizen geplaatst worden. Je kunt hiervoor een PVC-buis of een flexbuis gebruiken. Het voordeel van een PVC-buis is dat er, door de gladde structuur, gemakkelijk draden doorheen getrokken kunnen worden. Bij een flexbuis gaat dit lastiger, maar het voordeel van flexbuizen is dat ze gemakkelijk buigen, zonder dat je hier een buigveer voor nodig hebt. Ze zijn daardoor makkelijker te plaatsen als je om obstakels heen moet of als je veel bochten moet maken. Als je pvc-buizen wilt inkorten, kun je best een ijzerzaag gebruiken. Gebruik voor het buigen van een PVC-buiseen buigveer. Steek de buigveer in de buis voor je hem buigt, zo voorkom je dat de buis samenknijpt. Voor het plaatsen van PVC-buizen maak je sleuven in de muur. Gebruik hiervoor een hamer met beitel, murenfrees of klopboormachine met beitel. Bij opbouwleidingen plaats je de montagebeugels met een maximale afstand tot elkaar van 50 cm.

Stap 5

Draden trekken: Bij het trekken van draden gebruik je een trekveer. Trek de draden niet één voor één door de buis maar trek alle draden tegelijk. Voer de trekveer door de leiding tot hij er aan de andere kant weer uitkomt. Strip ongeveer 10 cm van de installatiedraden en draai de uiteindes in elkaar. Buig de om elkaar gedraaide draden om. Laat een draad uitsteken en wikkel deze draad stevig om de trekveer. Laat één persoon aan de trekveer trekken terwijl een ander de draden tegelijkertijd de buis in geleidt. Laat ze aan beide kanten ruim uitsteken. Als je een draad wilt trekken in een buis waar al draden inzitten, gaat dit erg moeilijk met de trekveer. Het is dan handiger om de draad vast te maken aan een draad die al in de buis zit, en deze er dan uit te trekken tot je de nieuwe draad te pakken hebt. Maak naast de nieuwe draad ook een vervangende draad vast om de draad te vervangen die je uit de buis hebt getrokken. Je trekt dus één draad uit de buis, en twee draden in de buis. Let op: Sluit altijd eerst de wandcontactdozen en schakelaars aan voor je de draden in de centraaldoos aansluit.

Stap 6

Draden aansluiten: Strip met behulp van een striptang ongeveer 1 cm van de isolatie van de draad. Steek het afgestripte gedeelte van de draad in de wandcontactdoos, schakelaar of lasdop. Het gestripte, dus blanke gedeelte, mag niet zichtbaar zijn. Strip de draad bij schroefverbindingen zover als nodig, steek de draad onder de schroef en draai deze vast. Let op: Zorg voor je de spanning weer aanzet dat alle draden goed aangesloten zijn, goed vastzitten en niet loshangen en er geen blanke delen te zien zijn. Aandachtspunten: ● Gebruik absoluut nooit een draad van een bepaalde kleur voor een andere toepassing. ● Als je draden in een lusterklem steekt, controleer dan altijd of deze goed vastzitten. Doe dit ook bij schakelmateriaal. ● Probeer bij het plaatsen van leidingen waar mogelijk de bochten niet te scherp te maken, dit maakt het trekken van draden moeilijker.