Tuinmagazine 2016 - Ontdek het hier of vraag je exemplaar in je dichtstbijzijnde Brico-winkel!
Sluiten

Een gezond gazon aanleggen

Om volop te kunnen genieten van je gazon moet dat wel deskundig aangelegd en keurig onderhouden worden. Je leest hier hoe je dat best doet.

Wanneer gras zaaien?

Behalve in putje winter kan je gras eigenlijk het hele jaar door zaaien. Maar de beste periodes zijn wel de lente (en dan vooral april, de ’grasmaand’) en het begin van de herfst.

Eens de nachtvorst voorbij is, kan je gras zaaien, maar om daar een beetje zeker van te zijn, wacht je toch best tot half april. In de lente zaaien heeft als nadeel dat ook het onkruid dan in volle ontwikkeling is en soms het jonge gras kan overwoekeren. Het meeste onkruid verdwijnt wel na enkele maaibeurten.
Eigenlijk is de nazomer of het begin van de herfst de beste periode om een grasperk aan te leggen. Je kan gras zaaien vanaf 15 augustus tot eind oktober. De grond is dan nog voldoende opgewarmd en het onkruid is weinig actief. Bij een vroege winter kan de vorst de groei van het jonge gras wel in de kiem smoren. Maar vooraleer je effectief kan beginnen zaaien moet je de grond daarop voorbereiden.

 

Onkruid verwijderen

De beste en meest milieuvriendelijke manier om een stuk grond onkruidvrij te maken is ervoor te zorgen dat het zonlicht niet tot de bodem geraakt. Dat kan je door die te bedekken met een (donker) plastic zeil, of iets gelijkaardigs. Na enkele dagen of soms weken zal al het onkruid verdwenen zijn.

Grond voorbereiden

  • Minstens één week voor het zaaien moet de grond worden omgespit tot op een diepte van 20 tot 25 cm (bij vervanging van een oud gazon moet de oude zode goed worden ondergewerkt). Voor kleinere oppervlakken doe je dat met een spade, voor grotere met een ’frees’ (motorploeg met draaifrees).
  • Verwerk meteen ook de nodige grondverbeteringsproducten (humus, turf, kalk, klei) en meststoffen.
  • Na het omspitten breek je de kluiten met een klauw en verwijder je alle afval en stenen.
  • Werk met een hark alle niveauverschillen, kuilen en oneffenheden weg, en rol de grond aan met een tuinrol.
  • Doe dit als de grond droog is en bij mooi weer. Ga nogmaals op zoek naar stenen, verwijder deze, hark het oppervlak opnieuw aan en egaliseer de bodem opnieuw.
  • Doe dit verscheidene keren. Het is belangrijk dat de grond tot op een diepte van 2 tot 3 cm goed fijn is.

Zaaien

  • Gebruik een zaadmengsel dat aangepast is aan de grondsoort en aan het toekomstig gebruik van het gazon. Er bestaan speciale zaadmengsels voor schaduwtuinen en voor tuinen met intensief gebruik, evenals variëteiten gras om de tolerantie van je gazon te verbeteren. Je kiest best een sport- en speelgazon als het gazon intensief gebruikt zal worden, en een mengsel met fijnere grassoorten voor een siergazon.

  • De beste momenten om te zaaien zijn mooie, windstille dagen. Hierbij mag de ondergrond wel een beetje vochtig zijn, maar niet te nat: op een dichtgesmeerde grond zal het gras moeilijk aanslaan. Ongeacht de gekozen zaaiperiode is het toch best vooraf eens te zien hoe het zit met de weersverwachting: ideaal is dat er regen volgt na het zaaien. Zaaien met een droogteperiode in het vooruitzicht is niet aan te raden.
  • Eerst ga je met een hark oppervlakkig over het terrein, zodat de grond de zaadjes straks goed opneemt.
  • Vervolgens meng je het zaad in de zaaidoos of zaaizak. De aanbevolen hoeveelheid graszaad schommelt rond de 3 tot 4 kilogram per are (dat is 100 m²).
  • Verdeel het zaad in twee gelijke porties en zaai de ene helft door in de breedte over het zaaibed te lopen, de andere helft door in de lengte over het zaaibed te lopen. Om te voorkomen dat je meermaals op dezelfde plaats zaait, kan je het perk markeren met bakenstokken.
  • Om mooi gelijkmatig te zaaien kan je ook een meststoffenwagentje gebruiken.
  • Je kan een groter terrein ook verdelen in gelijke stukken met paaltjes en koord en er telkens een gelijke hoeveelheid zaad in zaaien.
  • Hark de zaadjes voorzichtig in met een beetje aarde (minder dan 1 cm) en rol de bodem licht aan.
  • Daarna besproei je de bodem met een nevelregen. Bij droog weer hou je de bodem vochtig (tot op 5 cm diepte) door elke dag water te vernevelen.

Maaien

Afhankelijk van de gebruikte zaadmengeling zal het gras na 1, 2 tot 3 weken opschieten. Vooral in het najaar, wanneer de grond nog warm is, zal je geduld niet lang op de proef worden gesteld.

  • Wanneer na een paar weken het gras zowat 5 cm hoog is, mag je daar gerust nog eens over rijden met de tuinrol om de grond flink aan te drukken.
  • Pas wanneer het gras 10 cm hoogte heeft bereikt, mag je de eerste maal maaien, met een heel scherp mes tot op een hoogte van 5 tot 6 cm.

  • Eventueel kan je het gras na een eerste maaibeurt nog eens rollen, voor een optimaal contact tussen de wortels en de bodem.
  • Nadien maai je het gras op 1/3de van de totale hoogte. In de lente doe je dat eenmaal per week, in de zomer om de twee weken, en dan opnieuw tot eind september eens in de week. In november maai je het gras op een hoogte van 5 tot 6 cm, zodat het gazon de nodige energie kan opslaan voor de winter.
  • Om je gazon mooi groen te houden, bemest je het twee tot drie keer per jaar met een langzaam werkende meststof.

 

Onderhoud

Na het maaien van het gazon, vraagt dit nog wat verdere afwerking.

  • Mooi afgewerkte boorden zijn even belangrijk als het gazon zelf. Met een kantafsteker of spade maak je de boorden recht. Het gras knip je bij met een schaar of trimmer.
  • Als je een ’gewone’ grasmachine gebruikt, verwijder je het gemaaid gras meteen, via de opvangbak van de maaier of met de gazonbezem. Zoniet zal er een steeds dikker wordende viltlaag ontstaan tussen het gras en zal je het gazon regelmatig moeten verticuteren.
  • Kies je voor een grasmachine die kan ’mulchen’, dan moet je het gras niet opruimen. dat wordt zo fijn versnipperd en terug in het gazon geblazen dat het nagenoeg onzichtbaar is. Het maaisel zal niet zorgen voor vervilting, maar integendeel composteren. Je maait en bemest zo in één keer.

 

Verticuteren

Een ouder gazon zal hoe dan ook wel eens moeten worden geverticuteerd, met andere woorden ’uitgekamd’. Dat is nodig om afgestorven gras, mos en maairesten uit het gazon te verwijderen en dit gezond te houden.

  • Verticuteren doe je best in de lente.
  • Indien je gazon geen last heeft van mosvorming kan je in plaats van te verticuteren organische meststoffen met composteringsbacteriën toevoegen. Deze zetten het afgestorven mos en de grasresten om in vruchtbare humus die op zijn beurt het gazon extra voedt en luchtiger maakt.

 

Wat heb je nodig?

  • plastic zeil
  • spade
  • eventueel een motor-frees (kan je huren
  • rol (kan je huren)
  • klauw
  • hark
  • riek
  • verticuteerhark
  • schop
  • paaltjes, koord
  • graszaad, grondverbeteraar, meststoffen
  • zaaidoos, zaaizak…

 

En later:

  • gazonbezem
  • verticuteerhark
  • grasmaaier