Tuinmagazine 2016 - Ontdek het hier of vraag je exemplaar in je dichtstbijzijnde Brico-winkel!
Sluiten

Erwten uit de biotuin

Erwten: de lentegroenten

Erwten zijn groenten die liefst zo vroeg mogelijk worden geteeld. Na de meimaand worden er in de tuin nog bitter weinig gezaaid. Laat gezaaide erwten krijgen namelijk al gauw witziekte en wat dan nog oogstrijp wordt, is van mindere kwaliteit. Zaai ze dus in maart.

Door Rik Dedapper

Er zijn zeer lage, maar ook zeer hoge erwten die tot twee meter hoog kunnen gaan en dus flink moeten worden gesteund. Er bestaan ook vroege en late erwten, rondzadige en gekreukte erwten, krombekken en min of meer rechte erwten, doperwten en peulen. Er zijn ook siererwten (reukerwten, Lathyrus) maar deze dienen enkel als uitstekende snijbloem.

 

Soorten

Sluimererwten (peulen of ‘pois mangetout’ in de taal van Molière) renderen weinig, maar ze worden met zaadhuls en al gegeten. Dure kost, maar er is niet zo veel van nodig voor een normaal gezin. Tot voor enkele tientallen jaren was er in onze streken nog geen sprake van deze suikererwten, maar eigenlijk renderen ze bijzonder goed. Wie vrij kort (1 m) rijshout heeft, kweekt peulen vrij vlot. Dit ras mag zeer vroeg (februari-maart) gezaaid worden.
Doperwten bestaan in zowel lage, als halfhoge tot zeer hoge (2 m) soorten. Meestal zijn de lage erwten vrij vroeg: dan komen de ‘Halfhoge Express’ en ten slotte de zeer hoge ‘Mechelse Krombek’. Deze laatste is van een buitengewone kwaliteit. Tot de lagere erwten behoren ‘Eminent’ en ‘Kelvedon’. Vrij vroeg is ‘Heraut’, die tot 1,30 m hoog groeit en een goede erwtensmaak heeft. Er is ook nog een bladloze erwt, de ‘Urbana’ met zeer lange peulen (tot 12 erwten) en de ‘Argana’, die sterk lijkt op de ‘Express’, met grote peulen en die iets meer dan 1 meter hoog groeit, net als de donkere ‘Colana’.

 

Teeltwijze

Erwten zijn een gemakkelijke teelt. Ze zijn zeer goed bestand tegen vorst, hoewel de suikererwten iets minder kunnen verdragen. Soms worden erwten in bosjes van 3 tot 4 zaden gezaaid, maar in grotere culturen wordt gewoon doorlopend in de rij gezaaid. In de moestuin zaait u op 30 cm tussen de twee rijen, terwijl u bijna een meter tussenruimte laat tussen de plantbedden. U maakt vrij diepe plantgaten of plant voorzichtig met de spade om een ononderbroken rij te krijgen. Later plaatst u om de 7 m een paal om daaraan dan (voor de ‘Express’ en de verbeterde ‘Heraut’) een metaaldraad (ursusdraad) te spannen op 20 cm boven de grond. Als u een reeds vermeld halfhoog ras wenst te telen, aardt u deze planten later aan. Dit geldt uiteraard niet voor de lage of de zeer hoge rassen. Bij zeer winderig weer wordt de plant (zowel bij hoge als lage rassen) op een meter hoogte (en soms iets lager) gesteund met een niet te dun koord. Vroeger plukten wij peulen al vanaf einde april en doperwten rond einde mei. Wanneer u bemerkt dat slechts hier en daar nog een groene kop is, mag u deze tijdig innijpen. Anders ontstaat er te veel achterstand bij de nateelt, die zowel bloemkool als prei zou kunnen zijn.