Nieuwe tegels geven je badkamer een opfrisbeurt


1. Ondergrond

Als je een muur wil betegelen, is een eerste vereiste een vlakke muur. Kleine putjes hoeven geen behandeling, grotere gaten en barsten wel. Verwijder loszittende delen en vul ze op met een vulmiddel. Op grotere barsten en in hoeken breng je een papierband aan, bovenop het vulmiddel. Een tweede vereiste is een stevige ondergrond. Betegelen op een oude laag behangpapier of verf is geen goed idee. Een oplossing om een goede ondergrond te bekomen, is er 'Wedi-platen' voor te zetten. Deze bouwplaten zijn licht, stabiel, waterdicht, warmte-isolerend en dampremmend. Ze vormen bovendien een ideale ondergrond voor het aanbrengen van tegelwerk met mortel of lijm.
2. Tegellijm

Tegellijm koop je gebruiksklaar in een emmer. Die tegellijm is een dikke pasta die je op de ondergrond aanbrengt met een lijmkam. Breng lijm aan op het deel dat je binnen enige tijd kan betegelen. Afhankelijk van de grootte van de tegels kies je de juiste lijmkam. Daarmee strijk je de lijm gelijkmatig uit, terwijl de tanden het oppervlak raken. Enkel op de helft van het oppervlak zal er nog lijm hangen. Zo zal de tegel er in blijven plakken, en heb je toch de mogelijkheid om zijn stand te corrigeren. Als er lijm over het hele oppervlak zou zijn, zou je de tegel er bijna niet meer kunnen induwen.
3. Eerste tegel

Begin te betegelen op de muur die het meest in het oog springt. De eerste tegel komt onderaan in het midden. Uiteraard moet deze tegel perfect recht geplaatst worden. Op de hoogte van de eerste tegel kun je daarom een laser hangen. Zo kan je de eerste horizontale rij langs die lijn plaatsen. Om de onderste rij te plaatsen, leg je tegelkruisjes plat op de vloer zodat de tegels erop kunnen rusten. Het is zeer belangrijk dat de onderste rij een mooi rechte lijn vormt, dan is het plaatsen van de volgende rijen kinderspel, als je er overal paskruisjes tussen steekt. Die mag je overigens laten zitten.
4. Verder plaatsen

Eens de eerste tegel geplaatst is, gaan de volgende tegels vanzelf. Door tegelkruisjes te gebruiken, kan je een constante voegbreedte tussen de tegels behouden en hou je de tegels op hun plaats. Let er wel op dat je alle tegels gelijkmatig in de lijm aandrukt, zodat ze perfect in één vlak liggen.
5. Tegels snijden

Leg de tegel met de bovenkant naar boven. Kras er een snede in en leg hem dan daarmee over de rand van een lat. Duw erop om hem te breken. Je kan ook op de onderkant tikken met een hamer. Plaats de tegel altijd met de gesneden kant naar de inspringende hoek. Bij een uitspringende hoek gebruik je volle tegels. Uitsparingen aan de rand van een tegel kras je eerst met een kraspen om ze daarna met een papegaaienbektang stukje voor stukje af te breken. Om de randen van de snede of breuklijn glad te maken, kun je ze afvijlen met een vijl. Je kan de uitsparing ook bekomen door verschillende gaatjes uit te boren en nadien af te werken met de papegaaienbektang.
6. Fries plaatsen

Een ononderbroken tegelmuur kan nogal kaal overkomen. Een oplossing hiervoor is een fries plaatsen. Dit is niet meer dan een klein stukje tegel in een andere kleur of uitvoering dan de rest van de tegels. Hier plaatsen we twee friezen met een tegel ertussen. Een fries plaats je op dezelfde manier als een gewone tegel.
7. Voegen

Als de tegellijm droog is kan je beginnen aan het opvoegwerk, in een bijpassende kleur. Je mengt het poeder met water. Dan veeg je het gewoon met een voegrubber in de voegen, tot die volledig gevuld zijn. Strijk altijd kruisgewijs. Veeg de overtollige voegmortel weg met een natte spons, en later met een droge doek.
8. Rond bad betegelen

Ook rond het bad moet je betegelen. Nog meer dan bij de andere muren is hier het gebruik van Wedi-platen aangewezen. De Wedi-platen die speciaal bestemd zijn om badkuipen en douchebakken uit te bekleden, hebben in de hoogte verstelbare pootjes. Die kunnen bij montage oneffenheden tot 10 cm in de ruwe beton of dekvloer wegwerken. Breng aan de bovenzijde van het kopse langselement watervaste flexibele montagelijm aan. Plaats dan de elementen onder de kuiprand. Druk de verlijmde delen verticaal tegen elkaar. Om een eventueel hoogteverschil op te vangen, kan je de platen met de pootjes omhoogschroeven, totdat ze stevig tegen de badrand rusten.
Primer

Op bepaalde ondergronden moet je, als alle gaten opgevuld zijn, de muur met een primer behandelen. De primer heeft als functie de zuigkracht van de stenen weg te nemen en de ondergrond te fixeren. De tegellijm zal dan beter hechten. De primer aanbrengen gaat snel: giet wat in een verfbak en breng het met een rol aan.

Aantal tegels berekenen

Om te berekenen hoeveel tegels je nodig hebt om je wand te betegelen, moet je eerst en vooral de precieze breedte van de tegel kennen. Tel bij die breedte nog eens de breedte van een voeg ( 3 mm) en je kan perfect het aantal tegels dat je nodig hebt, uitrekenen. Hou er wel rekening mee dat je op de uiteinden van de muur niet precies zal uitkomen met de breedte van een tegel. Op die plaatsen zal je afgekorte tegels moeten zetten. Tel daarom bij het berekende aantal tegels nog wat extra tegels om verliezen te compenseren. Bovendien heb je zo altijd enkele tegels in reserve om eventuele beschadigingen later te herstellen.

Uitsparing aantekenen

In elke wand zit er wel ergens een kraanopening waarvoor je in één of andere tegels een ronde uitsparing moet maken. Hou de tegel precies naast en onder de kraanopening en stip hoogte en breedte aan. Verbind deze punten met elkaar en in het midden van dit vierkant komt de ronde uitsparing.

Tips

  • Boven elk sanitair toestel (bad, wastafel,...) moet je een waterdichte voeg maken. Gebruik mastiek of silicone uit een koker (met spuitpistool). Strijk de voeg glad met je vinger, die je eerst in een zeepsopje hebt natgemaakt, of met een hiertoe bestemd spateltje. Voor de afdichting bestaan er ook afwerkingsprofielen.

  • Als je ook een douche gaat betegelen, dan moet je eerst een waterdichtingslaag op de muur aanbrengen, anders kan het vocht dat door de voegen gaat de ondergrond aantasten.

  • De tegels van een betegelde muur zijn eenvoudig te reinigen met water en zeep. Met voegen ligt dat wat moeilijker. Die nemen gemakkelijker vuil op en worden vlugger zwart. Specifiek voor voegen bestaan er echter voegenreinigers die dit tegengaan.

- © Brico 2012 - all rights reserved - Alle prijzen vermeld op deze website zijn inclusief BTW en exclusief leveringskosten. -