 |
|
 |

 |
|
Vooraf
In het interieur dat we onder handen namen, zijn we aanbeland aan het
plaatsen van het verlaagd plafond. Met dergelijk plafond kun je een ruimte
gezelliger maken en kan je een vuil plafond verbergen. Een vals plafond
biedt bovendien het voordeel dat alle elektriciteitskabels proper weggewerkt
zitten. In een vorig magazine zag je al hoe we een verlaagd plafond plaatsten
met gipskartonplaten. Dergelijk plafond zal je echter nog moeten afwerken.
Het voordeel van het plafond met panelen dat we hier gebruiken, is dat
het plafond onmiddellijk gebruiksklaar is.
|
| |
1.
Houten lattenwerk
Om de pvc-panelen van dit verlaagd plafond gemakkelijk te kunnen plaatsen, begin
je altijd met een houten lattenwerk als draagstructuur op de gewenste hoogte
tegen je bestaande plafond te bevestigen. Door eerder al het oude verlaagde plafond
in deze woonkamer te verwijderen, legden we al een bestaand lattenwerk bloot.
Helaas zal dat niet rechtstreeks als draagstructuur voor de nieuwe plafondpanelen
kunnen dienen, aangezien het plafond dit keer ook geïsoleerd zal worden.
De pvc-panelen zullen dus net zoveel lager moeten bevestigd worden op een tweede
lattenwerk, dat de isolatie er nog perfect boven past.
|
| |
 |
|
2. Bandmetaal
Met bandmetaal kan je relatief eenvoudig je lattenstructuur ophangen. Dit ijzer
op rol is immers enerzijds flexibel en anderzijds stevig genoeg om het gewicht
van de balkjes en kunststof panelen te dragen. Daarenboven is het zeer makkelijk
met een metaalschaar op de gewenste lengte te knippen.
|
| |
3.
Bandijzers hangen
Omdat er straks nog 60 cm brede isolatieplaten op het lattenwerk komen te liggen,
worden ook de draagijzers op 60 cm afstand opgehangen. Zo zal je de isolatie
er tussen kunnen plaatsen. Bevestig de ijzers met schroeven in het bestaande
lattenwerk. Let erop de even lange ijzers allemaal op dezelfde hoogte te hangen.
|
|
 |
| |
 |
|
4. Latten aan ijzers
bevestigen
Gebruik pasdarm en koorden om de juiste afstand af te tekenen. Makkelijker is
echter een 360° roterende laser aan het plafond te hangen. Stel hem zo in
dat de afgetekende, waterpas laserlijn gelijk komt met de onderkant van de lattenstructuur.
Bevestig de ijzers afwisselend aan de ene en andere kant van de nieuwe lattenstructuur.
Zo vermijd je dat de balkjes onder hun eigen gewicht zullen kantelen. Het is
aangewezen de latten staand op te hangen, en niet horizontaal. Ook rondom de
ruimte, op de muren bevestig je op dezelfde hoogte latten. De verbinding tussen
de latten op de muur en de latten aan de hangers gebeurt met hoekijzers.
|
| |
5.
Isolatie aanbrengen
Een bijkomend voordeel van een verlaagd plafond is dat het de te verwarmen ruimte
verkleint, hetgeen een goede zaak is voor je energiefactuur. Voorwaarde is wel
dat boven de kunststof panelen een adequate isolatie komt. De makkelijkste oplossing
is door middel van platen. Doordat de afstand tussen de dragers gelijk is aan
de breedte van de isolatie, kan je de platen zonder versnijden op de lattenstructuur
leggen. Draag bij het werken met rotswolisolatie altijd de juiste persoonlijke
beschermingsmiddelen (handschoenen, veiligheidsbril, stofmasker en kleding met
lange mouwen). Anders riskeer je jeuk te krijgen.
|
|
 |
| |
 |
|
6. Randprofiel
Om de randen van je verlaagd plafond af te werken, snij je het nodige gedeelte
van de universele profielen af. Het basisgedeelte van dat profiel (dus zonder
afwerkingslatje) bevestig je dan met een nietpistool en nietjes van 14 mm langs
alle muren tegen het houten lattenwerk. Waar het profiel in een binnen- of buitenhoek
komt te hangen, zul je het in verstek moeten zagen. Dit is geen enkel probleem
met een eenvoudige verstekbak of verstekzaag. Zaag de profielen met een fijntandige
zaag op maat. Let erop niet te diep te zagen anders beschadig je gegarandeerd
ofwel je zaag ofwel je verstekbak!
|
| |
7. Eerste rij panelen
De eerste rij panelen komt tegen de muur. Om die gemakkelijk te kunnen plaatsen,
klik je alvast het afwerkingslatje voorlopig in het profiel. Zo zullen die eerste
panelen op hun plaats blijven liggen eens je ze ook aan de andere lange zijde
door de groef op het lattenwerk bevestigd hebt. Ook op de kopse kant moet je
de verschillende plafondpanelen verbinden. Daarvoor is in elk paneel een gleuf
voorzien waar je een op maat te snijden plaatje kan inschuiven. Over het uitstekende
gedeelte van het plaatje schuif je dan de kopse kant van het volgende paneel
vast, vooraleer ook dat met de tand aan de lange zijde in de groef van de vorige
rij vast te klikken.
|
|
 |
| |
 |
|
8. Volgende rijen panelen
Om de naden af te werken gebruik je het klassieke systeem voor gipskartonplaten.
Kleef eerst een verstevigende voegband op de naad. Dan vul je op met
een speciaal vulmiddel. Doe dit in meerdere lagen, tot je één
gelijk oppervlak bekomt. Wat schuurgaas is handig om achteraf de laatste
oneffenheden weg te nemen.
|
| |
9. Panelen afkorten
Op het einde van iedere rij meet je de resterende ruimte op en teken je die over
op een paneel. Dat zaag je op maat met een handzaag of decoupeerzaag met fijne
vertanding. Met het afgezaagde stuk kan je de volgende rij beginnen (wildverband),
maar je kan ook een halfsteensverband aanhouden.
|
|
 |
| |
 |
|
10. Afwerkingsprofielen
Eens alle plafondpanelen gemonteerd zijn, werk je de randen af door overal
de latjes in de universele randprofielen te klikken. Met een kunststof
hamer en een slagblokje kan je die rondom gemakkelijk definitief vastslaan.
Dit doe je het best pas als je muurbekleding al volledig afgewerkt is. |
| |
11. Afwerking
Zoals eerder al gezegd behoeft dit plafondsysteem geen verdere afwerking. De
panelen zijn bovendien afwasbaar, zodat je er weinig extra werk aan zal hebben
wat betreft het onderhoud. In een volgend magazine lees je meer over welke verlichting
je best installeert en hoe je dit concreet aanpakt.
|
|
 |
| |
|
|