Wand- en vloerbekleding in kurk


- Koordjes
- Spade
- Graafmachine
- Hark en borstel
- Trilplaat
- Aluminium lat of houten balk
- Rubberhamer
- Rolmeter
- Straatveger


Opmeten

Het eerste werk is uiteraard alles opmeten en koordjes spanne.
De paden moeten overal even breed zijn.
Reken dan uit hoeveel vierkante meter je van elke soort bestrating nodig hebt.

Afsteken

Steek het gras overal af met de spade, zodat je het gazon niet beschadigd met de graafmachine.
Steek ook een aantal graszoden aan de kant zodat je ze daarna kan gebruiken om weer tegen het pad te leggen.

Uitgraven

Nu kan je met het grote werk beginnen.
Met de machine graaf je het pad 20 cm diep uit.
Graaf niet te diep zodat je een stevige ondergrond behoud.

Stabilisé

Om een stevig eindresultaat te krijgen en om gemakkelijk te kunnen werken voer je nu gestabiliseerd zand in waarmee je een harde laag van ongeveer 5 cm dik kan maken.
Hark de stabilisé open en dam die aan met een trilplaat.
Op die harde laag mag je direct voortwerken, maar je mag hem ook laten uitharden en pas enkele dagen daarna het werk hervatten.








Afboording

Het eerste werk is de afboording maken met grote kasseien.
Span een koordje zodat je een rechte lijn maakt en leg de kasseien gelijk met deze lijn.
Deze kasseien zullen als leidraad dienen om het pad te leggen.

Klinkers


Normaal worden klinkers op een aangestampt en afgereid stabilisébed gelegt.
Hier zijn echter doorgezaagde oude klinkers gebruikt die niet allemaal gelijk zijn, dus moeten ze op dezelfde mannier als kasseien gelegd worden, nml. Één voor één in losse stabilisé slaan.

Gelijk slaan


Leg telkens, als je een rij klinkers ingeslagen hebt, een stevige lat op die rij en sla er met een rubberhamer op.
Zo breng je alle klinkers in een gelijk vlak.

Cirkel


In het midden van de cirkel sla je een metalen baar.
Doe daarrond een rolmeter met een oog.
Leg eerst een cirkel met zware granietkasseien, laat in het midden ruimte over voor beplanting.
Daarrond leg je cirkel na cirkel de kleine basaltkasseitjes.

Controle


Ga af en toe eens langs de laatste rij met de meter om te zien of je nog wel de juiste cirkelvorm hebt.
Rond de laatste cirkel met kleine kasseien leg je een kring met grote afboordingskasseien.



Aansluiting


Leg nu de beide paden met de klinkers verder tot tegen de kasseien van de cirkel.
Omdat je rechte stenen tegen een boog moet laten aansluiten zullen enkele stenen schuin afgekort moeten worden.


Versteviging

Om de grote kasseien aan de buitenkant genoeg steun te geven, moet je daar ook wat stabilisé tegen strijken.
Zorg ervoor dat je diep genoeg blijft, zo kan er nog aarde bovenop komen waar gras in kan groeien.

Invegen

Tussen de klinkers en de kasseien blijven er nog wat voegen.
Deze moeten opgevuld worden met gestabiliseerd zand.
Veeg de stabilisé gewoon in met een harde borstel.
Daarna doe je er wit zand over en veeg je dat ook in.

Trillen


Om het pad vlak te krijgen wordt het nog eens helemaal getrild.
De kleine kasseitjes worden makkelijker ingedrukt dan de grote, leg daarom de afboording net iets lager.
Door te trillen zakt het zand ook beter in de voegen.

Inspoelen


Om de voegen volledig op te vullen, kan je water gebruiken.
Giet nog wat wit zand op het pad en terwijl iemand met de tuinslang het pad goed nat maakt trek je het met een trekker over het pad, zodat het in de voegen loopt.

Straatveger


Na het werk ligt de baan er meestal niet zo proper bij.
Wil je niet alles met een borstel staan opvegen, dan kan je op de machine makkelijk een graafbak plaatsen en dan is de klus zo geklaard.
- © Brico 2012 - all rights reserved - Alle prijzen vermeld op deze website zijn inclusief BTW en exclusief leveringskosten. -